Inleiding

In het vorige hoofdstuk heb je geleerd dat de ministers zich bezig houden met het bestuur van Nederland. Ze bedenken nieuwe plannen, nemen voor een deel beslissingen over deze nieuwe plannen en gaan deze nieuwe plannen ook uitvoeren. De ministers zijn voor dit bestuur ook verantwoordelijk

In dit hoofdstuk gaan we kijken hoe het zit met die verantwoordelijkheid. Tegenover wie zijn die ministers verantwoordelijk? Hoe zit dat dan precies? Gaan ze de gevangenis in? Worden ze gemarteld in de Gevangenpoort als ze het niet goed doen, of zoiets?De Gevangenpoort (tegenover het Binnenhof)
Je hebt in het vorige hoofdstuk al gezien dat een minister niet zo maar, op eigen houtje iets kan beslissen. Hij moet rekening houden met de bestaande wetten, hij moet rekening houden met collega-ministers en ook nog eens met het parlement.
Over dat parlement gaan we het nu eens uitgebreid hebben, want de ministers zijn namelijk verantwoordelijk tegenover het parlement. Het parlement zetelt in Den Haag, op het Binnenhof. Wij kennen dat parlement ook onder twee andere namen die precies hetzelfde betekenen, namelijk: volksvertegenwoordiging en Staten-Generaal. Een parlement bestaat uit een aantal Het Binnenhof mensen die namens het volk er op moeten toezien dat het land goed wordt bestuurd door de ministers. Dit toezien op het werk van de ministers bestaat uit twee hoofdtaken, namelijk een controlerende en een medewetgevende. In de volgende paragraaf wordt dit uitgelegd, maar hier laten we het alvast zien in deze powerpoint. Hopelijk begrijp je na het bekijken wel waarom we spreken van het Zorromodel!

Het 'Zorromodel'