Een nieuw kabinet

Als er verkiezingen voor de Tweede Kamer zijn geweest, wordt er zo vlug mogelijk een nieuw kabinet gevormd. De vorming van een nieuw kabinet heet een kabinetsformatie en we geven een overzicht van de gang van zaken in 4 stapjes. De eerste stap begint bij de koningin.

1. De koningin vraagt eerst advies
Ze vraagt dit aan de vice-president van de Raad van State, de voorzitters van de Eerste en de Tweede Kamer en aan de fractievoorzitters van de politieke partijen die zitting hebben in de volksvertegenwoordiging. Al deze mensen worden uitgenodigd voor een kopje thee bij de koningin en adviseren de koningin over welke partijen het nieuwe kabinet moeten gaan vormen.

Artikel: "Verhagen (CDA) fractievoorzitter"

Artikel: "Winnaars Balkenende en Bos zijn tot elkaar veroordeeld"

Artikel: "PvdA voelt zich klaar om weer te regeren"


2. De koningin neemt een beslissing en benoemt een informateur
De kans is groot dat de koningin verschillende adviezen krijgt. Zij heeft dan het recht om een keuze te maken uit deze adviezen. Sommige mensen vinden dat de koningin hier eigenlijk veel te veel invloed heeft op de gang van zaken. De koningin kan immers kiezen wie ze als informateur aanstelt. Meestal is dit iemand met veel ervaring in de politiek en het bestuur, maar tegelijk ook iemand die niet echt heel actief lid is van een politieke partij. Het is eerder iemand die er beetje boven of buiten staat. Iemand die onafhankelijk is. Maar ja, het blijft iemand die wel lid is van een bepaalde politieke partij.

Artikel: "CDA wijst PvdA-informateur naast Donner van de hand"

De informateur moet gaan informeren welke partijen met elkaar willen samenwerken in een nieuw kabinet. Deze informateur praat met de partijen en vraagt wie met wie wil samenwerken en hij informeert waarover ze vooraf afspraken willen maken. Wat vinden ze belangrijke onderwerpen en wat willen ze de komende vier jaar op die punten bereiken. Die afspraken vooraf noemen we het regeerakkoord. Meestal gaat de informateur eerst terug naar de koningin en brengt verslag uit. We horen nooit wat dit verslag bevat of welk advies hij uitbrengt. Hierna krijgt hij, of een andere informateur, de opdracht om de partijen die willen samenwerken over een regeerakkoord te laten praten.

Artikel: "Regeerakkoord CDA/LPF/VVD: een rukje naar rechts"

In Nederland moet een kabinet altijd bestaan uit twee of meerdere partijen. Waarom is dat? Welnu, de moeilijkheid in Nederland is dat er geen partij is die de absolute meerderheid heeft in de Kamers. Dus meer dan de helft van de zetels in de Tweede en de Eerste Kamer. Om een meerderheid in het parlement te verkrijgen moeten twee of meerdere partijen samenwerken. Ze moeten een coalitie aangaan. Deze coalitiepartijen moeten het dan wel eerst eens worden over het beleid voor de komende vier jaar. Ze moeten het eens worden over een regeringsprogramma.Ze zullen over de hoofdpunten een regeerakkoord moeten sluiten. Als dit is gelukt, gaat de informateur weer terug naar de koningin.

De laatste jaren is er veel kritiek op zo'n regeerakkoord. Vooral de oppositiepartijen, maar soms en in veel mindere mate ook de coalitiepartijen klagen er over dat er veel te veel vooraf wordt afgesproken voor vier jaar lang. Hun kritiek is dan de vraag waar het dualisme blijft? Kan het parlement nog wel in alle vrijheid praten en beslissen over ingediende plannen als de coalitiepartijen onderling al vooraf hebben afgesproken die nieuwe plannen uit te gaan voeren. Wat blijft er dan nog over van het dualisme tussen parlement en regering? Wat betekent dit trouwens voor de democratie? Een keer in de vier jaar stemmen, afspraken op papier zetten en dan vier jaar wat tegen elkaar zitten neuzelen omdat alles toch al vastligt? Is een verbouwing van de Tweede Kamer dan überhaupt nog wel nodig? Enfin, ben je bijna klaar met het onderwerp Nederlandse staatsinrichting word je in plaats van met antwoorden opgezadeld met een serie vragen. Wees gerust, als je over deze vragen inhoudelijk mee kunt praten en hier een onderbouwde mening over kunt geven dan is je docent vast bijzonder tevreden. Dat mag je dan zelf ook zijn! 

Artikel: "'Losse eindjes' in de formatie bezorgen hoofdbrekens"


3. De koningin benoemt een formateur
De koningin luistert aandachtig onder het genot van een kopje thee. We komen nooit te weten wat er wordt besproken en welk advies ze krijgt. Denk nog maar eens aan het geheim van het Noordeinde. Toch merken we wel iets van het besprokene.
De koningin benoemt namelijk hierna een formateur die de opdracht krijgt om een nieuw kabinet samen te stellen. Deze formateur wordt meestal zelf de latere premier. Deze moet gaan kijken naar de zetelverdeling (hoeveel ministersposten krijgt iedere partij) en hij moet kijken wie er in aanmerking komt voor een baan als minister of staatssecretaris. Een spannende tijd is dat op en rond het Binnenhof, want wie wil nou niet minister worden?

Artikel: "Prestigestrijd om BiZa ontbrand"

Overigens, het is niet zo dat ministers alleen uit de Kamers afkomstig zijn. De formateur zoekt ze overal, zelfs in het bedrijfsleven en op scholen! Uiteindelijk lukt dit allemaal, soms duurt het wel een half jaar! Zo ontstaat een coalitiekabinet.De partijen die ministers mogen leveren omdat ze samenwerken in het coalitiekabinet noemen we regeringspartijen. De andere partijen in de Kamers noemen we oppositiepartijen.

Artikel: "Akkoord van coalitie valt slecht"


4. Het nieuwe kabinet wordt voorgesteld
Als de nieuwe ministers en staatssecretarissen door de Koningin zijn benoemd en na afloop hiervan de bekende bordesfoto is gemaakt, stelt de premier het nieuwe kabinet aan de Kamers voor.

De premier leest dan de regeringsverklaring voor. In deze verklaring deelt hij mee wat de plannen zijn van het kabinet voor de komende vier jaar. Zo'n coalitiekabinet, dat steunt op een meerderheid in de Kamers, noemen we een parlementair kabinet.
Lukt het niet tot een regeerakkoord te komen, bijvoorbeeld omdat alle partijen weigeren om met elkaar samen te werken en men dus niet op een meerderheid in het parlement kan rekenen, dan kan er toch wel een kabinet worden gevormd. Men noemt zo'n kabinet dan een minderheidskabinet. Een minderheidskabinet is meestal geen lang leven beschoren omdat alle wetsontwerpen door de oppositiepartijen kunnen worden weggestemd.

In tijden van nood kan een zogenaamd zakenkabinet worden samengesteld. Dit is een kabinet dat het land uit de moeilijkheden moet halen. Het bestaat uit gespecialiseerde ministers die helemaal geen binding met politieke partijen hebben. Aan ieder kabinet komt een einde. Een kabinet treedt af (en dan komen er verkiezingen) als de vier jaar voorbij zijn. Daarnaast zijn er nog twee andere redenen voor het kabinet om af te treden.
* Als het kabinet onderling ruzie krijgt, waardoor geen samenwerking meer mogelijk is.
* Als er verschil van mening is met de volksvertegenwoordiging.

Zo, nu weet je het belangrijkste omtrent de politieke partijen en de verkiezingen voor de Tweede Kamer in Nederland.

We zijn nu bijna aan het eind van de staatsinrichting gekomen. Nog één onderwerp moet bekeken worden. Dat ene onderwerp ligt dicht bij huis. Hoe wordt namelijk de gemeente en de provincie bestuurd? De laatste paragraaf geeft daar een bondig antwoord op!